4 mei 2023
‘De jeugd van tegenwoordig heeft geen interesse meer voor de gebeurtenissen tijdens de oorlogsjaren.’ Een zinnetje (of iets van die strekking) dat ik weleens hoor of lees op de socials of in het echte leven. Een zinnetje dat zich zeurend heeft vastgezet in mijn hoofd.
Ik leid als vrijwilliger van Nationaal Monument Kamp Vught klassen rond op die bijzondere plek in de bossen. Daar waar ooit een concentratiekamp was. Daar waar zo’n 32000 mensen gevangen zaten. Mannen, vrouwen, kinderen. Gescheiden van elkaar maakten zij dingen mee die je voorstellingsvermogen te boven gaan. Velen van hen keerden nooit meer terug.
Ik vertel kinderen de verhalen van de oorlog en van Kamp Vught. Ik leg uit, laat zien, licht toe, luister en beantwoord hun vragen en ik sta naast ze in hun onbegrip en verontwaardiging. En elke keer weer luistert zo’n groep ademloos en zie en voel ik dat het verhaal binnenkomt.
Deze week was ik met mijn zoon in Kamp Vught. Ik vertelde en liet zien, hij vroeg en we waren samen stil.
Bij thuiskomst vroeg zijn broer ons hoe het was. Mijn zoon viel stil en keek naar mij. ‘Hoe zeg je dat nou, mam? Ik denk dat indrukwekkend het beste past, toch?’
Onze kinderen van tegenwoordig voelen en snappen verdomd goed waar het over gaat. Het is aan ons om onze kinderen en kleinkinderen de verhalen te vertellen. Om uit te leggen dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Om met kinderen na te denken en te herdenken. Om vrijheid door te geven.
